| |
|
Artikelen
|
Handicap, beperking of mogelijkheden,
Nieuwe IAHD instructeurs in Spanje,
Zwemmen in "De Kulk" in Vlaardingen |
Handicap, beperking of mogelijkheden?
In publicaties over gehandicaptenbeleid komt steeds
vaker de term mensen met beperkingen voor,
kennelijk als ‘verzachting’ van mensen met een
handicap. Is dit wel zo’n goede ontwikkeling?
In de jaren voor de Tweede Wereldoorlog, en ook nog
wel daarna, nam men het niet zo nauw met de
aanduidingen van gehandicapten: men schroomde niet
om mensen met een verstandelijke handicap ‘idioten’,
‘imbecielen’, ‘gekken’, ‘debielen’ of ‘mongolen’ te
noemen, en lichamelijk ‘gebrekkigen’ (!) kregen het
etiket ‘invalide’ of ‘mindervalide’ opgeplakt, als
ze al niet zonder meer ‘onvolwaardig’ waren.
Naarmate er steeds meer beleid werd ontwikkeld om de
doelgroep te emanciperen, en die doelgroep zelf
inderdaad mondiger werd, groeide het inzicht dat
deze benamingen toch wel erg stigmatiserend waren.
Ook invalide werd in de ban gedaan; dat
betekent immers ‘on(vol)waardig’.
Hand in cap
Er kwam behoefte aan een meer neutrale term, en zo
kwam men op handicap. Dit Engelse woord is
afgeleid van hand in cap, oorspronkelijk een
gokspelletje, waarbij het geld van de inzet in de
hand in een pet verborgen werd gehouden.
Eind negentiende eeuw dook het op in de vorm
handicaprace (voor paarden): een race waarbij
jongere en sterkere dieren een stukje achter de
andere paarden startten.
Daarna werd de handicap ook in ‘menselijke’
wedstrijden, zoals in de golfsport, toegepast: de
kansen worden min of meer gelijkgemaakt door
correcties in het klassement toe te passen. Iemand
die een handicap kreeg, was beter dan de andere
deelnemers. Handicap was dus een positieve
kwalificatie.
In de twintigste eeuw gaat handicap steeds meer
betekenen: ‘belemmering’, ‘hindernis bij het
volbrengen van een taak of prestatie’.
En zo komen we in de buurt van de hierboven
beschreven doelgroep. Iemand die een handicap heeft,
ondervindt in het dagelijks leven belemmeringen,
bijvoorbeeld doordat hij niet kan lopen, zien of
horen, of doordat hij vanwege een chronische ziekte
minder goed functioneert. Hij heeft een handicap, en
is derhalve gehandicapt.
Inflatie
Het woord gehandicapt heeft op zich dus niets
denigrerends of discriminerends. Toch wordt dat
blijkbaar wél als zodanig ervaren, want eind
twintigste eeuw was het ineens niet meer correct om
van ‘gehandicapten’ te spreken; ‘mensen met een
handicap’ moest dat worden. Die benaming was echter
ook aan inflatie onderhevig, en wordt nu steeds meer
vervangen door ‘mensen met een (fysieke, visuele,
verstandelijke, etc.) beperking’.
Van Dale neemt in 1999 bij beperking voor het eerst
het voorbeeld ‘mensen met een lichamelijke
beperking’ op, met als betekenisomschrijving ‘mensen
met een handicap’. Dat het woordenboek beperking als
een verhullende term opvat, blijkt uit het label
‘eufemistisch’ dat erbij staat.
Was hier inderdaad sprake van een ‘eufemisme? Het
lijkt er wel op. Het woord handicap werd
tenslotte als stigmatiserend ervaren. Maar is
beperking niet nog meer stigmatiserender? Met
dat woord ga je er immers van uit dat je iets níet
kunt, terwijl het juist zo belangrijk is om te
kijken naar wat je nog wél kunt.
Toch zou ik niet zo ver willen gaan als de wereld
van de geestelijke gezondheidszorg, die mensen met
een geestelijke – pardon, verstandelijke – handicap
nu wel heel erg positief ‘mensen met mogelijkheden’
noemt. Over eufemismen gesproken!
Bron: Onze Taal 2006-5 Inge Suasso - Best
|
| |
Nieuwe IAHD instructeurs in Spanje
Op 3 september jl. ben ik met een oud cursist en
rolstoeler naar Llafranc Noord Spanje
gegaan
om een instructeurs training te geven aan drie
instructeurs (waarvan één NOB instructeur) van
duikbasis / school “Triton Diving” te Spanje. Het is
de eerste keer dat een Spaanse duikschool, die
aangesloten is bij de NOB, deze training aangevraagd
en gevolgd heeft. De training wordt ter plaatse in
Llafranc Spanje gegeven. Op deze driedaagse training
wordt ondermeer kennis vergaard en praktijk gericht
getraind om te leren omgaan met verschillende vormen
van handicaps en tiltechnieken.
We
beginnen deze training om hen te trainen hoe je
iemand die geheel verlamd is aan boord van een
duikschip te krijgen Ook wordt er geleerd hoe je
deze duiker gereed maakt om te water te laten gaan,
onder andere door eerst zijn materiaal om te hangen
op het zwemplatform. Een instructeur gaat te water
terwijl een andere instructeur de duiker vasthoudt.
Dan, als alles oké, laat de beperkte duiker zich
voorover vallen als het ware een koprol voorover.
De
duiker wordt dan direct opgevangen door een
instructeur in het water en controleert of alles oké
is. De training bevat veel vaardigheden die een IAHD
instructeur behoort te weten. Daarna wordt er door
de instructeurs nog een aantal modules gedaan die
behoren bij IAHD niveaus voor duiken met een
beperking.
Er wordt gebruik gemaakt van hun eigen duikschip
waardoor de training niet alleen intensief is maar
ook extra leuk voor de meegekomen beperkte duiker
Piet van der Feest. Piet van der Feest heeft een
grote rol gespeeld in de training en zelf veel
ervaring opgedaan. De training verloopt vlot en de
instructeurs zijn zeer gemotiveerd en leren al snel
de IAHD vaardigheden.
Triton Diving is een commerciële duikschool annex
basis maar men is zo enthousiast en flexibel dat het
geen probleem is om tijd vrij te maken voor deze
training. Op 8 september jl is de training met
voldoening afgerond door Emilio Agusti, Mark Ball
en David Perea.
Wat
van belang is bij deze training is dat ik niet
alleen hen getraind heb tot een IAHD instructeur
maar ook heb ik gebruik gemaakt om de ontwikkelingen
uit te wisselen en samenwerking te verstevigen
tussen deze NOB duikschool en de IAHD. Hopende
hiermee dat andere buitenlandse duikscholen die
aangesloten zijn bij de NOB dit zullen volgen.
Zelf heb ik een afspraak gemaakt met een
(Nederlandse –Belgische) Egyptische duikschool om
hen te trainen naar IAHD instructeur en hen aan te
laten sluiten bij de NOB. Het verhaal wordt
vervolgd.
Met vr gr Gerard den Hertog

V.l.n.r. Gerard den Hertog, David Perea, Mark Ball,
Emilio Agusti en zittend Piet van der Feest |
|
|
Zwemmen in "De Kulk" in Vlaardingen

We spraken er al een tijdje over op de afdeling: zwemmen
voor gehandicapten dat moet toch mogelijk zijn! Vroeger
was er wel zwemmen maar door personeel tekort en de vele
veiligheid eisen werd dit tot spijt van het Zonnehuis
niet meer georganiseerd. We staken de koppen bij elkaar
en maakte een plan om iets te doen. Ik had gehoord dat
er via de Gemeentelijke instanties diverse sporten voor
gehandicapten worden georganiseerd. Ik kwam na wat
telefoontjes bij Peter Bernhart terecht, zelf ook
gehandicapt, die in het zwembad de Kulk op vrijdagavond
van 19.30 uur tot 21.00 uur het zwemmen voor
gehandicapten organiseert. Hij nodigde ons uit om te
komen kijken wat er mogelijk is nadat wij hadden verteld
wat Marianne haar handicap is.
Op een vrijdagavond gingen we naar het zwembad. Marianne
vond het wel spannend maar keek er wel naar uit. We
kregen een rondleiding en Peter Bernhart liet ons de
gehandicapten kleedruimte zien met de rolstoelen en
verstelbare brancard. De rolstoelen zijn geschikt om
iemand, die slecht ter been is, via een lift in het
zwembad te tillen. Nu zagen wij ons probleem want
Marianne kan niet staan en hoe maak je dan een transfer
van de ene naar de andere rolstoel zonder een lift in de
kleedruimtes. Peter zag dat ook en beloofde dat hij
erachteraan zal gaan om ook dat op te lossen. Ik liet
mij hierdoor niet uit het veld slaan en stelde voor om
de week erop wat sterke mannen mee te nemen die mij
zouden helpen met tillen. Toen naar het bad. Daar werden
we hartelijk ontvangen door de al aanwezige zwemmers en
vrijwilligers die gelijk riepen: kom er in het is
heerlijk. We hadden spijt dat we onze spullen niet bij
ons hadden maar beloofde de zwemmers dat we terug zouden
komen. We waren nu zo enthousiast geworden dat we het
zeker zouden proberen. Marianne zag het wel zitten het
leek haar heerlijk om na jaren weer in een zwembad rond
te drijven. We wisten natuurlijk wel dat ze niet kan
zwemmen gezien haar handicap maar al drijf je maar wat
en wie weet wat je dan nog kan ontwikkelen. Het is
altijd goed voor de spieren en de geest zullen we maar
denken.
De
week erop gingen we met heel de familie: kinderen en het
kleinkind want die mocht ook mee. De kinderen zouden ons
helpen met tillen en het omkleden want daar waren we wel
achter gekomen dat je in zo situatie veel hulp nodig
hebt. Marianne vond het wel spannend. We besloten toch
maar de nog grotere algemene kleedruimte te gebruiken
want twee rolstoelen nemen toch wel veel ruimte in
beslag. Men was wel wat gewend en men gaf ons nog wat
goede tips van hoe en wat we moesten doen. Dat was een
zware klus dat omkleden en de transfer van de ene in de
andere rolstoel maar het lukte. Toen naar het bad. Hier
was genoeg hulp om de transfer van de kant in het
zwembad te maken. Marianne vond het wel eng maar ze werd
gelijk gerust gesteld en werd in het water goed
opgevangen en begeleid door Peter. Na even rondgedreven
te hebben nam een ander vrijwilligster het over.
Marianne vond het heerlijk maar hield ons goed in de
gaten dat we niet te ver uit haar buurt gingen.
Menigmaal greep ze mijn arm vast. Maar er kon niets
gebeuren ze had ook nog een zwemkurk om en de
begeleidster liet haar niet los.
Haar kleinkind spartelde ook in het rond en ze vond dat
een prachtig gezicht. Heerlijk was het om de kleine en
oma in het water te zien spartelen dat gaf ons
inspiratie om vol te houden met onze inspanningen voor
Marianne. Wie had dat gedacht om dit nog mee te maken.
Er werden ook nog wat aerobic oefening georganiseerd
voor de overige zwemmers om de spieren los te maken. Wij
zwommen/dreven in het kleinere bad maar later op de
avond, het laatste half uur, kon men ook nog gebruik
maken van het grote bad om baantjes te zwemmen. Het
bubbelbad was ook heerlijk om even bij te komen, lekker
ontspannend liggen in het warme water. Na ruim een uur
werd Marianne toch wel moe. Peter vertelde dat dit
voornamelijk komt door de indrukken die ze de eerste
keer opdoet en de spieren die nu extra worden
geactiveerd in het water. Met hulp van de vrijwilligers
haalden men Marianne met behulp van de lift weer uit het
water. Vermoeid en voldaan namen we afscheid van de
overige zwemmers en beloofde weer terug te komen.
Conclusie van het zwemmen: wij hebben dit nu twee keer
gedaan en het is zeker de moeite waard. Het is wel
gewenst, afhankelijk van de handicap, om wat hulp van de
familie erbij te krijgen want anders is het niet te
doen. Het is een verademing voor diegene die er anders
geen kans toe zien om te zwemmen. Hopelijk wordt er in
de toekomst, zodra er wat vrijwilligers bereid zijn om
te helpen, via het Zonnehuis weer wat georganiseerd.
Anders kunt u altijd iets zelf organiseren. Kom gerust
eens kijken op een vrijdagavond. Het zwemseizoen loopt
van september tot mei.
Vrijwilliger/partner van bewoonster
Marianne Borsboom afdeling Pluto
|
|
|
|
| |
|
|
|
|
|